Doorgaan naar hoofdcontent

VVD, SP, PvdA/Groenlinks en PVV voor landelijk cold caseteam in Nederland: hoe zit dat ook alweer? Opdracht voor het nieuwe kabinet na 22 november 2023.

Hiervoor moeten we terug naar 2011 en de bespreking van diverse onderwerpen op het dossier van Veiligheid en Justitie. Op 1 november 2011 is aan de orde de behandeling van het wetsvoorstel  vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Veiligheid en Justitie voor het
jaar 2012 (33000-VI). Het maakt onderdeel uit van het minderheidskabinet van VVD en CDA. Het kabinet werd gevormd na de Tweede Kamerverkiezingen in 2010 en trad op 14 oktober 2010 aan als opvolger van het kabinet-Balkenende IV. Voor een meerderheid in de Tweede Kamer sloten de regeringspartijen een gedoogakkoord met de PVV. VVD-leider Mark Rutte werd de eerste premier van VVD-huize. Minister van Justitie was Ivo Opstelten (VVD). 

Tijdens bovengenoemde behandeling vroeg Tweede Kamerlid Hennis-Plasschaert namens de VVD-fractie aandacht voor de zogenoemde coldcaseteams. Die hebben hun meerwaarde de afgelopen jaren bewezen., aldus het Kamerlid. Het signaal is duidelijk: al is de dader nog zo sluw, uiteindelijk trekken politie en justitie aan het langste eind. De komst van een nationale politie biedt een kans. Vele officieren houden een pleidooi voor een landelijk coldcaseteam. Pakt de minister deze handschoen op? 

De vraag van Hennis-Plasschaert is het vervolg op het beleid en de beslissing uit 2004, toen de politiek besloot om het succesvolle Landelijke Team Kindermoorden op te heffen. Ook in 2010 stelde Tweede Kamerlid Recourt (PvdA) vragen aan de minister van Veiligheid en Justitie over moordenaars die vrijuit gaan door geldgebrek bij justitie en politie (ingezonden 10 december 2010). Ook hier werd al verwezen naar een meer gedegen aanpak van cold cases. De reactie van de minister van Justitie was dat er niet binnen de termijn kon worden geantwoord, omdat niet alle gegevens tijdig beschikbaar bleken te zijn. Uiteindelijk kwam de minister met het volgende antwoord: "In 2009 is een landelijke Cold Case expertgroep opgericht met vertegenwoordigers van het Openbaar Ministerie en politie, waarin veel informatie en expertise wordt uitgewisseld." Een antwoord voor het oprichten van een landelijk coldcaseteam bleef uit. 

Ook is de kamervraag van Tweede Kamerlid Hennis-Plasschaert altijd onbeantwoord gebleven. Ook op vragen van de PVDA-fractie moest de minister antwoorden schuldig blijven over de resultaten en de inrichting van de cold caseorganisatie. Ook bleek de minister geen zicht te hebben op het aantal cold cases in 2012. 

Dan is er een stap te maken naar 2016. Pas dan wordt inhoudelijk weer ingegaan op de doorontwikkeling van cold cases. De vaste commissie voor Veiligheid en Justitie heeft op 15 juni 2016 overleg gevoerd met minister van Justitie Van der Steur. Tweede Kamerlid Swinkels (D66) die verwijst naar een melding van de NOS dat de bezetting van de coldcaseteams, die minimaal drie zou moeten zijn, vaak een papieren zaak is. Het loopt uiteen. Alleen de Eenheid Rotterdam zou vorderingen maken, want daar zitten er tien op die volledig hiervoor zijn vrijgemaakt. Daar komt dan ook iets uit, aldus het Tweede Kamerlid. De andere resultaten blijven hierbij achter, zoals ook andere Tweede Kamerleden al hebben gemeld in het parlement. De minister van Justitie Van der Steur reageert dat er keuzes gemaakt moeten worden. 

In 2017 besteden Tweede Kamerleden Groothuizen en Den Boer (beiden D66) tijd aan de Minister van Justitie en Veiligheid door het stellen van vragen over de coldcaseteams op 17 november 2017. Aanleiding van de vraagstelling was dat de Volkskrant meldde dat coldcaseteams willekeurig te werk zouden gaan (Volkskrant, 31 oktober 2017). De primaire vraag aan de minister was: "Hoe duidt u de mogelijkheid van het opzetten van elite-teams, die bepaalde expertise hebben en daadwerkelijk iets kunnen toevoegen wanneer het reguliere recherchewerk tot niets heeft geleid in coldcases? Kunt u een inschatting maken van de kosten voor dit soort teams." 

De minister van Justitie bleek ook hier voor de vraagstelling meer tijd nodig te hebben , daar de informatie voor de beantwoording niet direct voorhanden was binnen twee maanden (!). Uiteindelijk antwoordt de minister in januari 2018: "Een onopgelost levensdelict (moord of doodslag) of een ander zeer ernstig delict waarop een minimale gevangenisstraf is gesteld van twaalf jaar kan – in afstemming tussen het Openbaar Ministerie (OM) en de politie – drie jaar na de pleegdatum het kenmerk «cold case» krijgen. Het gaat dan om een afgesloten en uitgerechercheerd dossier. De verhouding tussen het aantal reguliere zaken ten opzichte van het aantal coldcases wordt niet als zodanig geregistreerd. Het OM en de politie hebben laten weten dat er geen landelijke registratie van cold cases plaatsvindt, waardoor het niet mogelijk is om de precieze ontwikkeling ervan weer te geven. Een uitvraag bij de eenheden van de politie heeft opgeleverd dat er op dit moment in Nederland ongeveer 1500 cold case zaken zijn. Per 1 april 2013 is de verjaringstermijn voor een groot aantal misdrijven veranderd, waardoor vervolging voor deze misdrijven langer mogelijk is. Hierdoor is ook het aantal cold cases gestegen. De politie heeft sinds 2013 een inventarisatie gemaakt van de zaken die voldoen aan de cold case-criteria. Deze zaken worden vervolgens bekeken op opsporingsindicatie. De rechercheofficier besluit in afstemming met de politieleiding tot instelling van een cold case onderzoek, waarbij de verjaringstermijnen en het maatschappelijk belang als belangrijke criteria gelden. Het OM en de politie hebben landelijke werkinstructies, richtlijnen en screeningsmodellen ingevoerd voor de afweging om een zaak te heropenen. Het OM en de politie hebben laten weten dat deze voldoende houvast bieden bij de beoordeling om een cold case verder te onderzoeken. Sinds de oprichting van de Nationale Politie heeft elke eenheid een coldcaseteam, waardoor met een structurele voorziening aandacht is voor het onderzoek naar cold cases. Aan elk coldcaseteam is een officier van justitie verbonden. Onder de noemer platform Cold Cases Nederland werken de politieteams nauw samen en delen zij onder meer kennis en ervaring. Met de inrichting van de voorziening voor cold cases hebben de coldcase-specialisten binnen de politie reeds een duidelijke plaats gekregen in de organisatie. In de praktijk worden de teams – waar nodig – bijgestaan door analisten, forensisch en digitaal specialisten en gedragsdeskundigen."

De vaste commissie voor Justitie en Veiligheid heeft op 13 februari 2019 overleg gevoerd met minister Dekker van Rechtsbescherming. Tweede Kamerlid Helder vroeg zich het volgende af: "De coldcaseteams bij de politie. Ik ben blij dat die er zijn, net als dat de coldcasekalender er is. Nabestaanden moeten niet in onzekerheid blijven, ongeacht hoelang geleden het misdrijf is gebeurd. Maar veel coldcaseteams worden ingekrompen. Sommige bestaan uit slechts één rechercheur. Vaak wordt diegene ook nog ingezet om overbelaste reguliere rechercheteams te helpen. Is de Minister bereid om deze zorgen te delen met zijn collega-minister en de Kamer hierover te informeren?"

Het antwoord van minister Dekker was dat "hij het onder de aandacht van zijn collega minister van Justitie onder de aandacht zou brengen." Ook nu komt er geen vervolg op de parlementaire wens en bespreking. 

De vaste commissie voor Justitie en Veiligheid heeft op 17 april 2019 overleg gevoerd met minister Grapperhaus, Minister van Justitie en Veiligheid. Tweede Kamerlid Buitenweg (Groenlinks) verwijst naar het boek wat is geschreven over de zaak Nicole van den Hurk. Ze vervolgt:" Vanmorgen zei de Minister: de politie deed dit mede om duidelijk te maken dat deze cold cases veel capaciteit vergen en dat dus maar weinig zaken kunnen worden opgepakt. Maar dat daar onvoldoende capaciteit voor is, is een groot punt. Ik vraag mij af of dat ook niet te maken heeft met de wijze waarop de opsporing van cold cases georganiseerd is. Er zijn nu drie mensen per regio voor aangesteld en dat is voldoende om de boel administratief een beetje op orde te houden, maar niet om de zaken echt op te lossen. Vanuit het Project Gerede Twijfel zijn er verschillende dossiers met leads aangedragen, maar daar wordt verder niks aan gedaan. Waarom zijn er geen grotere teams met verschillende specialismen, die vol een paar weken op een zaak ingaan en als dat niets wordt die zaak weer terzijde leggen? Maar niet, zoals nu, alles een beetje half alleen administratief afhandelen, want daarmee missen we kansen en krijg je ook krankzinnige manieren om het te rechtvaardigen, zoals de familie Van den Hurk inmiddels weet." 

Minister Grapperhaus antwoordt dat het niet mogelijk is om alle coldcasezaken op te pakken, laat staan tegelijk op te pakken. Hij vervolgt:" Dat betekent dus dat je ieder jaar een aantal zaken oppakt. Het gaat niet voor niets in cold cases om complexe, ernstige zaken. Daarbij is het echt niet zo dat, zoals in de gemiddelde televisieserie die we daarover zien, door moderne technieken als een duveltje uit een doosje ineens de zaak wordt opgelost. Was dat maar zo. Er zijn ook zaken die niet voldoende aanwijzingen bevatten om überhaupt een nieuw onderzoek te beginnen. (...). We hebben in het regeerakkoord geld vrijgemaakt voor extra capaciteit die zich juist op de aanpak van de cold cases zou moeten richten. De eenheden maken verschillende keuzes bij de inrichting van een team voor cold cases. Minimaal zijn er drie personen, maar er zijn ook eenheden die daar veel meer mensen op inzetten. We experimenteren op dit moment met een meer landelijke coördinatie van die aanpak. (...) Er zijn ruim 1.700 cold cases. Er blijkt op basis van een handmatige verdere uitsplitsing van de cijfers dat er per jaar in enkele tientallen cold cases onderzoekshandelingen worden verrichten. Dat is een klein aantal, maar het zijn er nog steeds enkele tientallen. Dat betreft zaken die echt in onderzoek zijn, waarin je echt zegt: daar gaan we door. In een aantal gevallen leidt een dergelijk onderzoek tot het daadwerkelijk oplossen van een cold case en tot een veroordeling. We hebben vorig jaar natuurlijk gezien in de afschuwelijke zaak van de moord op Nicky Verstappen dat het hoe dan ook een enorme inzet vergt om te kijken of je verder kunt komen in zo'n zaak. In dit geval gebeurde dat door grootschalig DNA-onderzoek. Dat is vrij ongebruikelijk, maar ik ben daar zelfs als Minister zelf op bevraagd omdat er vanuit het OM en de politie uit andere arrondissementen moest worden ingezet om dat geheel mogelijk te maken. Als het nog een keer gebeurt, voorzitter, huren we gezamenlijk een busje, want dan moet u daarnaar gaan kijken. Het is buitengewoon indrukwekkend hoe de politie en het OM daarop inzetten. Maar we moeten ons realiseren dat dit soort dingen echt heel veel capaciteit vergen en dat dit ook tot onrechtvaardigheidsgevoelens leidt bij nabestaanden – ik heb ze gesproken – die dan in een zaak zitten en vragen: waarom mijn zaak dan niet? Dat is heel erg lastig. Ook zijn er gevoelens van vertwijfeling en onbegrip bij nabestaanden die zeggen: als nou in die cold case heel veel DNA is opgehaald uit de omgeving waar mijn dierbare is vermoord, waarom kan dat dan niet dubbel worden gebruikt? Ja, daar staan wetten aan in de weg, waardoor dit niet mag. Maar goed, ik ga nu niet uitvoerig op die problematiek in."

Tweedekamerlid Buitenweg (Groenlinks) neemt geen genoegen met het antwoord van de minister en deelt het volgende mede: "Begrijp ik ten aanzien van de cold cases nou goed dat de Minister bezig is met allerlei mensen, notarissen en dergelijke, die hij gaat inbrengen? Is dat om zaken aan te brengen of om zaken, als ze aangebracht zijn, ook op te lossen? Ik wil daar toch iets meer helderheid over krijgen, juist omdat bijvoorbeeld het Project Gerede Twijfel al wel wat zaken heeft aangebracht, die niet verder komen door een gebrek aan capaciteit. Ik wil dus even begrijpen hoe dat nu zit."

Minister Grapperhaus komt met het volgende antwoord: "Mevrouw Buitenweg vroeg naar de cold cases. Het antwoord op haar vraag of de notarissen en dergelijke het oplossen, is ja."

De vaste commissie voor Justitie en Veiligheid heeft op 2 februari 2023 overleg gevoerd met minister Weerwind van Rechtsbescherming en minister Yeşilgöz-Zegerius van Justitie en Veiligheid. Tweede Kamerlid Ellian (VVD) stelt de volgende vraag: "Dan cold cases. Ik dacht: ik maak van dit commissiedebat gebruik om dat toch weer een keer onder de aandacht te brengen, omdat Nederland om en nabij de 1.700 cold cases kent. Dat is veel. Achter elke cold case schuilt verdriet en onduidelijkheid. Elke cold case die je kan oplossen, draagt bij aan een stuk rechtvaardigheid en aan de rechtsstaat die wij hier allemaal voorstaan, want uiteindelijk mag misdaad niet lonen. Mijn eerste vraag is aan de Minister van Justitie en Veiligheid. Er wordt nogal eens iets gezegd over de aansturing van de diverse teams die die cold cases doen. Zonder dat ik weer een prioriteit bij de politie in het bakje wil gooien; is de Minister voldoende overtuigd dat wij serieuze stappen kunnen maken bij het oplossen van die cold case?"

De minister van Justitie en Veiligheid antwoordt als volgt: "Ik beantwoord nog maar één vraag, voorzitter, als dat mag. Die is gesteld door de heer Ellian en gaat over de DNA-technologie en eigenlijk ook over de cold cases, maar het was ook een specifieke vraag. Ik meen namelijk dat de cold cases onder de Minister voor Rechtsbescherming vallen. O, nee. Goed, ik pak hem nu even en dan kijken we of ik ’m helemaal beantwoord of dat het nog moet worden aangevuld." De minister richt haar antwoord zo in dat er wordt ingegaan op de mogelijkheden van de forensische technieken, echter de coldcaseorganisatie komt niet aan bod in haar beantwoording. 

2019 is het laatste moment dat er door het kabinet en de Tweede Kamer echt inhoudelijk is gesproken over de inrichting van de organisatie van cold cases. De inrichting (van het proces) van de aanpak  van cold cases is aan een herziening toe. Ondertussen worden de cold cases ouder en overlijden nabestaanden zonder te weten wat er met hun geliefde is gebeurd. 

De hoop is nu gevestigd op de politiek, waarbij de VVD, SP, PvdA/GroenLinks en de PVV al aangegeven hebben voor de inrichting van een landelijk coldcaseteam te zijn. Een centrum waar the-best-of-the-best samenkomt om old cold cases op te lossen. 




Populaire posts van deze blog

Kindervermissingen. Doodverklaard. Michelle Willard en anderen. Na 40 jaar toch gevonden.

Om eerst maar een voorbeeld te pakken. In 1985 verdwijnt de dan bijna 3 jaar oude Haagse peuter Michelle Willard spoorloos. Ze zou verkocht zijn, door haar vader nog wel. Vader Dick Willard heeft tegen zijn broer gezegd dat ze in goede handen is en in Spanje zou verblijven. Michelle zelf zou haar nieuwe identiteit zelf niet weten, zo verklaarde Dick. Hij zou haar onder een andere identiteit hebben verkocht. Vader Dick had alles zelf geregeld en Michelle zelf ook weggebracht. De exacte omstandigheden hoe Michelle is verdwenen is nooit bekend geworden. Vader Dick Willard wordt in 1991 vermoord en neemt vele geheimen mee zijn graf in. Michelle heeft nog familie en dat biedt theoretische gezien nog kansen. Zelfs na bijna 40 jaar. In Houston Texas verdween in 1981 een baby onder de naam 'Holly' onder bizarre omstandigheden. Haar beide ouders werden vermoord en de moordzaak is tot op heden nog niet opgelost. Maar het bijzondere is dat hun baby Holly niet op de plaats delict werd aang

UPDATE Cold case Germa van den Boom uit 1984.

UPDATE 21-04-2023 Op 20 oktober 2022 bracht de Peter R. de Vries Foundation de vermissingszaak van Germa van den Boom opnieuw onder de aandacht. Een beloning van een kwart miljoen euro werd uitgeloofd voor de tip die leidt naar de vondst van Germa. De deadline van zes maanden is voorbij en vanaf vandaag kan er geen aanspraak meer gemaakt worden op de beloning bij het aanbrengen van een nieuwe tip.  Het afgelopen half jaar zijn er rond de 275 tips binnengekomen bij de Foundation. Deze zijn allemaal zorgvuldig bekeken en (anoniem) doorgestuurd aan het cold caseteam van politie Eenheid Zeeland-West-Brabant. Het team is momenteel nog steeds bezig met de laatste tips uit te rechercheren. Het kwart miljoen euro blijft dan ook beschikbaar voor de gouden tip tot dat het cold caseteam alle tips die tot en met 20 april 2023 bij de Peter R. de Vries Foundation zijn binnengekomen heeft onderzocht. Wij verwachten dat we binnen enkele maanden bekend kunnen maken hoe dit onderzoek is afgerond.  Ondan

UPDATE: Hoge Raad doet uitspraak over onjuiste tekst bij beëdiging. Geen gevolgen zaak Nicky Verstappen.

Geen gevolgen voor opgeloste (lopende) cold casezaken. Het gebruik van een onjuiste tekst bij de beëdiging van een aantal raadsheren en raadsheren-plaatsvervanger in het gerechtshof ’s-Hertogenbosch leidt niet tot vernietiging van de uitspraken in de zaken die deze raadsheren (mee) hebben behandeld en beslist. Dat heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld n.a.v. twee vorderingen tot cassatie in het belang der wet; één in een strafzaak en één in een belastingzaak. Bekijk hier de uitspraak van de Hoge Raad ----------------------------------------- PG bij de Hoge Raad: het gebruik van een onjuiste tekst bij beëdigingen in het hof ‘s-Hertogenbosch hoeft niet te leiden tot vernietiging van uitspraken Conclusie PG Het gebruik van de onjuiste tekst bij de beëdigingen hoeft volgens de PG niet te leiden tot vernietiging van uitspraken in zaken die door deze raadsheren (mee) zijn behandeld en beslist. Dit legt hij in zijn vorderingen als volgt uit. Een beëdiging van een rechter of raadsheer heeft me